Country Life

By | March 15, 2017

Twee boeken met herinneringen schreef Siegfried Sassoon over zijn vormende jaren tijdens de Eerste Wereldoorlog. Siegfried’s Journey 1916-1920 wordt als autobiografie aangekondigd, in Memoirs of a Infantry Officer heeft Sassoon van zichzelf een personage met de naam George Sherston gemaakt. De naamsverandering zegt iets over de afstand die nodig was om zijn ervaringen als soldaat bijna twintig jaar na dato te boek te kunnen stellen. De Memoirs spelen zich voornamelijk op het slagveld in Frankrijk af, de Journey in Engeland wanneer Sassoon herstelt van opgelopen verwondingen. En dat is wellicht een duidelijker onderscheid tussen deze boeken dan de vraag in welke mate de literaire autobiografieën van deze auteur fictie zijn. Het tijdperk was in ieder geval rijk genoeg om twee keer te overdenken.

Het onderscheid tussen verblijf in de loopgraven en herstel/verlof in Engeland is abrupt. In de Journey gaat de schrijver dagelijks van lunches naar diners in literaire en upperclass kringen, Sassoon is gretig en uitgelaten omdat hij niet aan flarden geschoten is. Tegelijk merkt de lezer dat Sassoon de thuisblijvers in de UK zijn overleven niet gunt, hij wilde elk gevoel van triomf dat ze eventueel konden ontwikkelen met alle middelen, desnoods met zijn eigen dood, de kop in te drukken. Zijn oorlog ging gewoon door, er kwamen tegenstanders bij. Toen Sassoon zijn manifest tegen de oorlog – A Soldiers Declaration – publiceerde, kwam hij niet voor de krijgraad maar werd volledig bij zinnen opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis, met shell shock als slordige diagnose.

Het is opmerkelijk dat deze als ‘war poet’ bekend staande militaire activist in september 1918 naar de functie van secretaris op het Ministerie van Munitie solliciteerde. Wellicht achtte de dichter zich na drie ernstige verwondingen onsterfelijk en werd hij roekeloos. Zeker is dat hij de vriend die hem ertoe aanzette te solliciteren een plezier wilde doen. Winston Churchill kende Sassoon’s reputatie en onderhield hem tijdens het gesprek over de goede kanten van de oorlog. ‘ The present war, he asserted , had brought about inventive discoveries which would ameliorate the condition of mankind. For example there have been enormous improvements in sanitation’. Sassoon memoreert ook zijn uitspraak: ‘War is the normal occupation of man.’ (…) ‘ War – and gardening’ , en merkt op dat oorlog wel een erg omslachtige manier is om de hygiëne te verbeteren.

Sir Winston heeft rond zijn geboorte-en woonplaats Blenheim Palace intensief laten tuinieren (het is bekend dat Churchill al op zijn achtste een eigen secretaresse had). Voor hem was geopolitiek tuinieren in het groot. Het idee van de rurale idylle komt terug in Sassoon’ herinnering aan de vooroorlogse jaren opgeschreven als Memoirs of a Fox Hunting Man; de belangrijkste gebeurtenis tijdens zijn jeugd en adolescentie lijkt namelijk de wisseling van de seizoenen op het Engelse platteland. Paul Fussell schrijft in The Great War and Modern Memory over tijdschriften die wekelijks aan het front werden bezorgd: ‘The standard officers’ dugout required (…) as a testimony to upperclass interests in the pastoral (..) Country Life.

Vlak na de oorlog gaat Sassoon op een lezingentoer in de Verenigde Staten, hij beschrijft zijn dynamische verblijf als artistieke socialite. Maar het wezen dat het meeste indruk op hem maakt is een oude witte merrie. Het paard is ‘ a gentle and aristocratic creature (…) in fact I’m inclined to think that she was more to my liking than anything else I encountered in America.’ De introspectieve Siegfried Sassoon vond in de afzondering van het Engelse platteland de middelen om zijn ervaringen tijdens 14 -18 te ondergaan en deze in literatuur uit te drukken.

J.D.